Onderwijs en bedrijfsleven – overeenkomsten en verschillen

In welke marktsector je ook zit, je krijgt te maken met automatisering en budgetten. Het is dus niet zo gek dat, wanneer je sectoren met elkaar vergelijkt, daar overeenkomsten ziet in ervaringen, best practices en ontwikkelingen. Tijdens veel gesprekken op de NOT 2011 zat deze vergelijking in mijn achterhoofd. Hier wil ik er twee onderwerpen uithalen om die eens nader te belichten.

Het Monsterpakket of de Best of Breed?

Automatisering in een marktsector start altijd op deelgebieden, zoals financiëen, administratie,  relatiebeheer, inhoudelijk, etc. Kleine spelers worden groot en gaan meer deelgebieden aanbieden totdat er uiteindelijk een scala van aanbieders ontstaat met de volgende uitersten:

  • Er zijn een aantal ‘monsterpakketten’ van zeer grote spelers, oftewel alleskunners. Voor bijna elk denkbaar deelgebied bieden zij een module.
  • Op elk deelgebied zijn er ook specialisten – kleinere spelers die focussen op een deelgebied en daar een zo mooi mogelijke oplossing voor bieden. Deze worden de ‘best of breed’ genoemd, zijn meestal innovatief en zijn voor klanten binnen een deelgebied de beste keus.

Beide oplossingen hebben voor- en nadelen. Het monsterpakket heeft als grote voordeel dat het een geïntegreerd pakket is – informatie hoeft maar eenmalig te worden ingevoerd en is vervolgens in alle deelgebieden beschikbaar. Een voordeel dat overigens vaak overschat wordt als deelgebieden door opkoping van kleinere bedrijven worden veroverd. De voorgenomen ‘totale integratie’ is namelijk niet altijd een succes. Het nadeel van een monsterpakket is dat het op deelgebieden vaak suboptimaal werkt, minder goed dan de specialistische best-of-breed pakketten. Ook is het moeilijker om ‘van een pakket af te komen’ – migreren naar een andere oplossing is een grote opgave omdat het zoveel deelgebieden raakt.

Ga je voor de best of breed, dan heb je het voordeel en vrijheid om op elk deelgebied de best mogelijke oplossing te kunnen kiezen. Als de afzonderlijke pakketten echter niet goed met elkaar praten heb je wel een groot probleem: dubbele invoer, dubbeling van data, inconsistenties, tijdsverlies etc. Wel kun je relatief makkelijk een pakket vervangen zonder direct op alle deelgebieden te moeten vernieuwen.

De uiteindelijke keuze hangt af van de afweging van bovengenoemde voor- en nadelen die voor verschillende sectoren heel anders kan zijn door een verschillende volwassenheid van het aanbod. Ook speelt de persoonlijke voorkeur van de beslissers nogal eens een rol: sommige hebben (door ervaringen uit het verleden) een voorkeur voor monsterpakketten of juist voor best-of-breed oplossingen en zijn dan bereid sommige nadelen door de vingers te zien.

Bovenstaande is vooral ontleend aan het bedrijfsleven. In het onderwijs zie je langzaam een soortgelijke keuzestrijd ontstaan. Er zijn afzonderlijke pakketten voor  leerlingenadministratie (leerlingvolgsystemen), methode-gebonden leeromgevingen, rapportensoftware, invallerspool, websitebeheer, nieuwsbriefverzending etc. Echte “monsterpakketten”, “alleskunners” zijn er nog niet hoewel sommige pakketten al wel “breed” te noemen zijn. Belangrijker echter is dat de integratiemogelijkheden van de afzonderlijke pakketten nog vrijwel afwezig zijn. Zo beschreef Marcel Kesselring in zijn blog Hoe verspillen leerkrachten hun kostbare tijd? het massale tijdsverlies bij leerkrachten tijdens het doubleren van de leerresultaten tussen methode-gebonden leeromgevingen en leerlingvolgsystemen. En na zijn bezoek aan de NOT blogde Michel Boer in Dagje NOT 2011 zijn onvrede met de huidige ICT versnippering in het onderwijs, daarbij terecht de achterstand ten opzichte van het bedrijfsleven opmerkend.

Hoogste tijd dus voor onderwijs-gerelateerde ICT om de kloof te gaan dichten. Sommige van de huidige pakketten zullen doorgroeien tot alleskunners. De taak voor de specialistische best-of-breed software is de samenwerking opzoeken en gezamenlijk het onderwijs een mooie drempelloze gebruikerservaring te geven.    

Wat kost het en wat levert het op?

De andere vergelijking tussen het bedrijfsleven en het onderwijs die ik wil maken is het aanschafproces van software. Ook hier viel mij weer, naast overeenkomsten, een belangrijk verschil op. In het bedrijfsleven staat de kosten-baten analyse centraal. Je kijkt niet alleen naar wat het kost maar ook naar wat het oplevert. Dit laatste is niet altijd even eenvoudig en nauwkeurig te doen, maar ook een (kwalitatieve) schatting van de baten kan al veel informatie opleveren. Gebaseerd op de kosten-baten analyse wordt dan uiteindelijk de beslissing genomen om de software wel of niet aan te schaffen.

Hoewel bovengenoemde analyse  ook in het onderwijs wordt toegepast viel het mij tijdens de NOT op dat regelmatig de kosten centraal werden gezet, in plaats van de kosten-baten analyse. Zonder de voordelen van de oplossing te overwegen werd direct ingezoomd op de kosten. En bij krimpende budgetten is er dan maar 1 conclusie mogelijk. Ook in dit opzicht is nog wel een kloof te dichten. Niet in de laatste plaats omdat de baten groter kunnen zijn dan de kosten.

Een gedachte over “Onderwijs en bedrijfsleven – overeenkomsten en verschillen

  1. Pingback: Tweets die vermelden Onderwijs en bedrijfsleven – overeenkomsten en verschillen « Schoudercom.nl's Blog -- Topsy.com

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s